Lagere aanbestedingsdrempels 2026 en Wet DBA

headerimg

Dubbele druk voor de publieke sector

Dubbele druk voor de publieke sector door lagere aanbestedingsdrempels en strengere handhaving van de Wet DBA tegen schijnzelfstandigheid.

De Europese Commissie heeft de officiële aanbestedingsdrempels per 1 januari 2026 vastgesteld. De meeste drempels gaan omlaag. Tegelijkertijd is de Belastingdienst sinds 2025 bezig met de strikte handhaving van de Wet DBA om schijnzelfstandigheid tegen te gaan.

Deze twee ontwikkelingen, strengere inkoopregels en scherper toezicht op de inhuur van zelfstandigen, raken de publieke sector direct. In dit artikel lees je wat de nieuwe cijfers zijn, waarom de timing cruciaal is en hoe detachering hierin een oplossing biedt.

De harde cijfers: nieuwe aanbestedingsdrempels per 2026

Om aan EU-regelgeving (WTO-akkoord) te voldoen, herziet de commissie elke twee jaar de drempelbedragen. Per 1 januari 2026 gelden de volgende verlaagde drempels (exclusief btw):

  • Werken (bouwopdrachten): € 5.404.000 (was € 5.538.000)
  • Leveringen en diensten centrale overheid: € 140.000 (was € 143.000)
  • Leveringen en diensten decentrale overheid: € 216.000 (was € 221.000)
  • Speciale sectoren (nutsbedrijven) – diensten: € 432.000 (was € 443.000)

Let op: De drempel voor sociale en specifieke diensten blijft ongewijzigd op € 750.000.

Het schaareffect: lagere drempels, hogere prijzen

Het lijkt de omgekeerde wereld: prijzen stijgen door inflatie, maar het bedrag waarboven je Europees moet aanbesteden gaat omlaag. Dat is geen beleidskeuze om strenger te zijn, maar simpelweg een valutakwestie omdat de euro sterker staat.

Voor inkoopafdelingen zorgt dit voor een lastig schaareffect:

  1. De lat zakt: De grens voor verplicht Europees aanbesteden gaat omlaag.
  2. De prijs stijgt: Door inflatie worden projecten en uurtarieven juist duurder.

Een opdracht die twee jaar geleden nog veilig nationaal kon worden ingekocht (bijv. € 210.000), schiet nu door de prijsstijging dwars door het verlaagde plafond van € 216.000 heen. Omdat professionele inkopers geen risico nemen met ramingen die ‘op het randje’ zitten, zullen veel meer trajecten in de zwaardere Europese procedure vallen.

Gevolgen voor inkoopafdelingen

Dit leidt tot een directe toename van het aantal formele aanbestedingen. Dit heeft drie concrete consequenties:

  • Capaciteitsdruk: Europese aanbestedingen vereisen aanzienlijk meer uren, kennis, documentatie en doorlooptijd dan inkopen onder de drempel.
  • Timing rond de jaarwisseling: Wees alert op projecten die starten in 2025 maar doorlopen in 2026. Als de publicatiedatum na 1 januari ligt, gelden de nieuwe, lagere drempels. Een verkeerde planning kan leiden tot onrechtmatige inkoop.
  • Nalevingsrisico’s: Achteraf kan blijken dat een raming te optimistisch was. Als de uiteindelijke opdrachtwaarde de (verlaagde) drempel overschrijdt, ligt het risico op juridische procedures of kritische accountantsverklaringen op de loer.

Handhaving Wet DBA: focus op arbeidsrelaties

Naast de inkoopregels speelt de handhaving van de Wet DBA. Het handhavingsmoratorium vervalt per 1 januari 2025. De Belastingdienst controleert weer actief op schijnzelfstandigheid. Met als gevolg dat veel organisaties gedwongen afscheid moeten nemen van vertrouwde ZZP-ers.

Wat dit concreet betekent:

  • Einde aan vrijblijvendheid: De fiscus geeft geen waarschuwingen meer vooraf. Bij schijnzelfstandigheid volgen correcties en naheffingen.
  • Risico’s voor opdrachtgevers: De criteria (gezagsverhouding, inbedding in de organisatie) wegen zwaarder. Veel organisaties durven het risico van directe zzp-inhuur niet meer aan, omdat modelovereenkomsten geen garantie meer bieden tegen de praktijksituatie.

Dubbele druk op Inkoop en HR

De optelsom van deze regels zorgt voor een complexe dynamiek tussen Inkoop en HR.

  1. Complexere inhuur: Je huurt een specialist niet meer ‘even snel’ in. Door de lagere drempel is de kans groter dat er een aanbesteding nodig is.
  2. Strengere eisen: Tegelijkertijd moet de arbeidsrelatie DBA-proof zijn. Aanbestedingen sluiten zzp’ers vaker uit als individuele inschrijvers om risico’s te vermijden.
  3. Vertraging: De combinatie van een Europese doorlooptijd én juridische checks kan zorgen dat cruciale posities lang openstaan.

Oplossing: expertise via Goedemensen

De huidige ontwikkelingen vragen om een andere manier van het organiseren van capaciteit en specialistische ondersteuning. Steeds meer publieke organisaties kiezen ervoor om complexe inkoop- en contractmanagementvraagstukken projectmatig te laten uitvoeren door een gespecialiseerd project- en adviesbureau in plaats van individuele zelfstandigen in te huren.

Waarom dit werkt:

  • Wet DBA-proof: De opdrachtgever heeft een contract met het bureau, niet met het individu. Het bureau is juridisch werkgever en draagt alle risico’s en premies. Dit elimineert het risico op fiscale claims.
  • Aanbestedingsvriendelijk: Veel publieke instellingen hebben raamovereenkomsten met project én adviesbureaus. Hiermee kun je via een ‘mini-competitie’ snel professionals inschakelen binnen de kaders van de Europese aanbestedingswet, zonder voor elke inhuur een volledig traject te starten.
  • Continuïteit: Je haalt expertise in huis zonder vaste dienstverbanden, maar mét de leveringszekerheid van een bureau.

Conclusie

De publieke sector moet zich voorbereiden op een jaar van precisie. Een jaar vol uitdagingen. De lagere aanbestedingsdrempels zijn een technisch feit, maar de impact op de werkdruk is reëel. Combineer dit met de Wet DBA, en het is duidelijk dat ‘business as usual’ geen optie is.

Door tijdig te schakelen, je lopende ramingen voor 2026 nu al te controleren en te kiezen voor veilige inhuurvormen zoals detachering, blijf je als organisatie compliant en wendbaar.

Bronnen

Dit artikel is samengesteld op basis van de volgende publieke en actuele bronnen over de Europese aanbestedingsdrempels 2026:

 

Ben jij de professional die wij zoeken?
Bekijk onze vacatures footercta-signup